Neerslag kan groene mais nog een laatste zet geven
De regen die momenteel valt, kan mais die nog groen op het veld staat helpen bij de verdere korrelvulling en zetmeelaanmaak. Tegelijkertijd is een groot deel van de mais al ver gevorderd en op sommige percelen oogstrijp. De verschillen tussen en binnen percelen zijn daardoor groot. Dat maakt het belangrijk om percelen goed te blijven volgen.
Het droge stofgehalte van de snijmaispercelen in Vlaanderen steeg de afgelopen week gemiddeld met 5,5 procent, zo blijkt uit de metingen van het Vlaams Landbouwcentrum voor Voedergewassen (LVC) dat de afrijping van vijf verschillende maisrassen op elf locaties volgt. Het ultravroege ras is op vrijwel alle locaties oogstklaar en ook de vroege rassen zijn op veel plaatsen rijp. Bij de latere rassen zijn de verschillen groot. Sommige percelen hebben nog minimaal twee weken nodig, terwijl op andere percelen het oogstmoment al nadert.
Grote verschillen tussen en binnen percelen
Vooral binnen percelen lopen de verschillen op. Op sommige plaatsen zijn de kolven al ver afgerijpt, terwijl andere planten nog volop groen zijn. De gevallen neerslag kan bij de nog groene planten helpen om de korrels verder te laten vullen. Bij percelen die al sterk zijn verdroogd, zal het effect van regen daarentegen beperkt zijn.
Maisoogst in Zuid- en Oost-Nederland van start
Ook in Nederland steeg het drogestofgehalte van de mais afgelopen week, blijkt uit cijfers van Kijk op Mais van voerfabrikant De Heus. Het droge stofpercentage ligt op de percelen tussen de 25 en 40 procent. In Zuid- en Oost-Nederland zijn inmiddels verschillende percelen geoogst om verdere verdroging te voorkomen.
Pas op voor te grote verschillen in afrijping binnen perceel
Deze week wordt milder weer met buien verwacht. Volgens LCV kan de afrijping van de mais daardoor vertragen, maar is het niet verstandig om alle percelen langer te laten staan. Het landbouwcentrum raadt aan om de mais per perceel te beoordelen. Percelen met voldoende en goed gevulde kolven kunnen worden geoogst voor een kwalitatief goede maiskuil. Bij percelen met zowel goed ontwikkelde als verdroogde of slecht gevulde kolven, kan ook MKS of CCM worden overwogen, zodat er alsnog een zetmeelrijk product wordt gewonnen. De Heus benadrukt dat een te groot verschil in afrijping binnen een perceel uiteindelijk kan leiden tot een te droge en te bestendige kuil.