Gras

Niet techniek maar slim gebruik meststromen bepaalt succes Renure

Renure biedt kansen  om stikstof uit eigen mest beter te benutten en fors op mestafzetkosten te besparen
Renure biedt kansen om stikstof uit eigen mest beter te benutten en fors op mestafzetkosten te besparen

'De sleutel tot een succesvol gebruik van Renure ligt deels in de techniek, maar vooral in de kennis van de meststoffen die het oplevert. Hoe beter je weet wat je produceert, hoe gerichter je elke kuub mest kunt inzetten.’ 

Het is een opvallende uitspraak die Ronald van Hal doet in de jongste uitgave van VeeteeltGRAS. De innovatiemanger bij ForFarmers stelt dat Renureproducten sterk verschillen in stikstofgehalte, zwavelgehalte en pH. ‘Wanneer je deze kunstmestvervangers gaat toepassen op grasland, is het cruciaal om te weten wat je precies toepast en hoe het gewas erop reageert’, zegt Van Hal.

Renure is meer dan stikstofmeststof

Waar drijfmest één product is met een vaste combinatie van stikstof, fosfaat, kali en organische stof, ontstaan door verwerking tot Renure verschillende fracties die gewasspecifiek kunnen worden toegepast. ‘Dat biedt mogelijkheden voor een hogere nutriëntenbenutting, maar vraagt vooral ook om kennis van de samenstelling en exacte werking van de verschillende producten’, legt Van Hal uit. Wie met bijvoorbeeld spuiwater of mineralenconcentraat aan de slag gaat, doet er daarom goed aan verder te kijken dan alleen het stikstofgehalte, stelt hij. Ook elementen als zwavel, kalium, natrium en de vorm waarin stikstof aanwezig is, bepalen hoe een product het beste kan worden ingezet.

 

Integrale benadering

ForFarmers heeft rekenprogramma’s ontwikkeld die laten zien waar, wanneer en welke vorm van bemesting je het best kunt toepassen. In de programma’s kan een melkveehouder zijn oogstdoelstelling invoeren. Vervolgens berekent het systeem welke combinatie van drijfmest, Renure en kunstmest het meest effectief is, rekening houdend met de gebruiksnormen. Het programma rekent daarbij met de nutriëntenonttrekking van gewassen en houdt rekening met de nalevering van voedingsstoffen uit de bodem. Op basis daarvan wordt bepaald hoe de beschikbare meststromen zo efficiënt mogelijk kunnen worden benut. 

Volgens Van Hal ontbreekt deze integrale benadering nog vaak op bedrijven die investeren in mestverwerking. ‘Ik kom regelmatig op melkveebedrijven met een mestverwerkingsinstallatie waar vooraf onvoldoende is nagedacht over de afzet en toepassing van de verschillende meststromen.’

Bij 150 koeien zo maar 50.000 euro minder kosten

Van Hal is optimistisch over de inzet van Renure en rekent voor dat een bedrijf met 150 koeien en 60 hectare grasland zo maar 50.000 euro aan mestafzetkosten en kosten voor het kopen van kunstmest kan besparen.

Lees het achtergrondverhaal over de inzet van Renure in de zomeruitgave van VeeteeltGras.