Gras

Minister verlengt uitrijperiode mest tot en met 15 september

Als de mogelijkheid tot het uitrijden van dierlijke mest wordt verruimd tot half september, kan volgens het CDM de stikstof uit mest beter worden benut (archieffoto)
Als de mogelijkheid tot het uitrijden van dierlijke mest wordt verruimd tot half september, kan volgens het CDM de stikstof uit mest beter worden benut (archieffoto)

Nederlandse boeren mogen dit jaar nog tot en met 15 september dierlijke mest uitrijden op grasland.

Dit meldt minister Van Essen in een brief aan de Tweede Kamer.

Vanwege langdurige droogte

Vanwege de langdurige droogte hadden verschillende sectororganisaties de minister gevraagd boeren langer de tijd te geven om dierlijke mest uit te rijden op grasland. Na positief advies van de Commissie Deskundigen Meststoffenwet (CDM) komt de minister nu aan deze wens tegemoet. De uiterste uitrijdatum wordt dit jaar voor alle grondsoorten uitgesteld van 31 augustus naar 15 september. De uitrijdperiode voor vaste dierlijke mest op grasland op zand- en lössgronden wordt ook verlengd naar 15 september.

Na positief advies van deskundigen

Uitrijden van dierlijke mest op een nog niet herstelde graszode kan leiden tot schade aan de zode en opbrengstderving. Als de mogelijkheid tot het uitrijden van dierlijke mest wordt verruimd tot half september, kan de stikstof uit mest beter worden benut. Vanuit zowel landbouwkundig als milieukundig perspectief verdient dit volgens het CDM de voorkeur boven een versnelde toediening eind augustus. Het uitrijden van veel mest op verdroogde grond vergroot volgens de deskundigen het risico op uit- en afspoeling, terwijl verlenging van de uitrijdperiode voor dierlijke mest op grasland tot half september geen grote toename van de uit- en afspoeling van nitraat veroorzaakt.

De Kamerbrief waarin de minister ook aankondigt de voorwaarden voor een aantal eco-activiteiten te versoepelen, is te downloaden van de website van de Rijksoverheid.